• VSO scholen weer volledig open

    Naar aanleiding van recente berichtgeving onderstaand het SOTOG beleid inzake de VSO locaties.

    • SOTOG volgt de RIVM richtlijnen
    • Vanaf maandag 31 mei 2021 gaan alle VSO locaties weer volledig open
    • Leerlingen hoeven onderling geen afstand meer te houden
    • Om het preventief zelftesten te stimuleren geven we iedere leerling wekelijks 2 tests
      mee naar huis. Hierover wordt vooraf gecommuniceerd met de ouders. Uiteraard zijn ouders/leerlingen niet verplicht om gebruik te maken van de test.
    • Alle overige richtlijnen, m.b.t. mondkapjes, handenwassen, etc. blijven van kracht.

  • Beleid zelftesten binnen SOTOG

    Deze week is er door het ministerie meer bekend gemaakt aan de schoolbesturen over de zelftesten die vanaf 19 april beschikbaar komen. Het gebruik van de zelftest komt naast (en dus niet in plaats van) alle maatregelen die al gelden op school, zoals handen wassen, afstand houden en het gebruik van mondkapjes.

    De zelftesten kunnen ingezet worden voor:

    1. alle medewerkers (leerkrachten, assistenten, directeuren). Dat betreft het preventief testen.
    2. Onderwijspersoneel en leerlingen, wanneer een besmetting met het coronavirus op school bekend is. Dat betreft het risicogericht testen (alleen voor VSO).

    Preventief testen (voor SO en VSO)
    Alle scholen krijgen voor hun medewerkers preventieve zelftesten. Het advies is dat medewerkers 2 x per week thuis een preventieve zelftest afnemen. Het gebruik van de testen door onze medewerkers is altijd op vrijwillige basis. Bij een positieve testuitslag gaat de betrokkene thuis in quarantaine en maakt een afspraak voor een testafname bij de GGD.

    Risicogericht testen (alleen voor VSO)
    De zelftesten voor het risicogericht testen kunnen worden ingezet wanneer een besmetting met het coronavirus op school bekend is. De testen zijn bedoeld voor medewerkers en/of leerlingen die vallen onder de categorie 3 overige contacten (> 15 minuten in een ruimte en > 1,5 meter afstand).

    Degenen die vallen onder categorie 2 nauwe contacten (> 15 minuten en < 1,5 meter) gaan bij een besmetting op school naar huis en maken een afspraak voor een testafname bij de GGD.

    De testen worden op school bewaard en kunnen bij een besmetting in de klas worden meegegeven aan die medewerkers en/of leerlingen die vallen onder de categorie 3 ‘overige contacten’. Het gebruik van de test is altijd op vrijwillige basis.

    Zelftest voor categorie 3
    Personeel en leerlingen ouder dan 16 jaar krijgen een zelftest mee naar huis en kunnen zelf besluiten of zij deze zelftest afnemen. Voor leerlingen onder de 16 jaar zullen ouders worden gebeld dat hun zoon/dochter een zelftest meekrijgt naar huis met de vraag of zij de test willen afnemen bij hun zoon/dochter.

    Uitslag van de test en dan?
    De uitslag van de zelftest is 48 uur geldig. Bij een negatieve testuitslag kan het personeelslid of de leerling naar school. Het is belangrijk om de test na een paar dagen te herhalen.

    Het doorgeven van een testuitslag is vrijwillig. Het advies is om een positieve testuitslag door te geven aan de directeur van de school in verband met evt. te nemen stappen om de besmetting niet verder te laten verspreiden en zicht te houden op het verloop.

    Bij een positieve testuitslag gaat de betrokkene thuis in quarantaine en maakt een afspraak voor een testafname bij de GGD.

    Disclaimer
    Bij de afname van een zelftest ligt de verantwoordelijkheid altijd bij de afnemer, ook in het geval de test wel onder begeleiding plaatsvindt.

    Verder
    Verder blijft gelden dat iedereen met klachten, die kunnen duiden op een besmetting, of die uit bron- en contactonderzoek naar voren komen, zich gewoon blijven testen bij de GGD.

    .

  • Coronamaatregelen binnen SOTOG

    Door de landelijke lockdown zijn we genoodzaakt het onderwijs in onze scholen aan te passen in de periode zoals afgekondigd door het kabinet. We hebben gekozen voor maatwerk per school gezien de diversiteit van doelgroep en onderwijs binnen onze scholen.

    Onze scholen weer geopend. We hanteren strikte voorwaarden volgens de landelijke richtlijnen van het RIVM, het OMT en het kabinet. Zo zorgen we bijvoorbeeld voor extra pauzemomenten, ventileren we de lokalen regelmatig en zijn er extra schoonmaakmomenten ingepland. Daarnaast verwelkomen wij zo min mogelijk externe mensen in de school. Dat betekent dat ook ouders niet welkom zijn binnen onze schoolpoorten. Tot slot zullen onze medewerkers in de publieke ruimten een mondkapje of andere gezichtsbescherming dragen.

    Is uw kind snotterig of heeft uw kind andersoortige klachten die passen bij corona?

    Laat uw kind thuis.

    Is er ondanks alle maatregelen toch een leerling of leerkracht positief getest op corona?

    Dan zijn wij genoodzaakt de hele klas naar huis te sturen. Zowel leerlingen als leerkracht moeten vijf (5) dagen in quarantaine. Vervolgens dient de klas (iedereen afzonderlijk) zich te laten testen op het coronavirus. Meer hierover leest u op de website van de Rijksoverheid.

  • Paula Boerkamp: ‘Ik wil als teacher leader een voortrekkersrol vervullen binnen SOTOG’

    Paula Boerkamp werkt op het OZC als gespecialiseerde leerkracht in de schakelklas. Na het leiderschapstraject heeft ze ervoor gekozen zich niet te specialiseren als directeur of adjunct maar koos zij voor de master Leren en Innoveren – Teacher Leader bij hogeschool Saxion.

    Van kinds af aan ben ik al een organisator en coördinator, dit uitte zich tijdens het samenspel met vriendinnen, kinderoppas, klusjes doen, mee helpen in de fietsenzaak van mijn ouders, enz. Tijdens de pabo en de daaruit voortvloeiende banen is deze rol alleen maar verder ontwikkeld.
    Af en toe vroeg ik mij af of ik niet meer moest doen met deze kwaliteiten, bijvoorbeeld een leidinggevende functie ambiëren binnen SOTOG. Ik hoopte dat deelname aan het leiderschapsoriëntatietraject mij inzicht zou geven of een coördinerende en leidinggevende functie en aantrekkelijk en passend perspectief voor mij zou zijn.

    Door het leiderschapsoriëntatietraject ontdekte ik, dat ik als voortrekker fungeerde binnen het team en hierbij altijd het beste uit mezelf en de onderwijsomgeving wilde halen. Een opleiding tot directeur of adjunct ging veel meer om “leiden” en veel minder om ontwikkelen en vernieuwen. Daarom besloot ik om voor iets te kiezen dat nog beter aansloot bij wie ik ben en wie ik wil zijn, namelijk een teacher leader.

    Teacher leader

    Ik merkte bij mijzelf dat ik de gefundeerde onderbouwing mistte waarom iets tijdens een verander- of verbeterproces nu echt een passende oplossing was. Het bleef met name bij gissen vanuit intuïtie, inzichten uit een boekje of vertrouwen op wat een ander pretendeerde. Met de opleiding Leren en Innoveren- Teacher Leader krijg ik inzicht in hoe ik onderwijsvernieuwingen samen met mijn collega’s kan vormgeven in school. Met deze (wetenschappelijke) informatie kan ik een vernieuwing systematisch implementeren en dit kan enorm veel bijdragen aan de ontwikkelingen van onze (speciale) leerlingen.

    Als teacher leader kan ik met behulp van mijn expertise en affiniteit, invloed uitoefenen op collega’s, schoolleiders en andere actoren binnen en buiten de school. Deze invloed overstijgt mijn eigen klaslokaal. Dat wat ik doe, draagt bij aan de onderwijsontwikkeling en onderwijskwaliteit binnen het OZC. Het ultieme doel van mij als teacher leader is, om bij te dragen aan de ontwikkeling van leerlingen. Dat wat ik doe, samen met het team, zorgt ervoor dat zij de meest passende begeleiding en ondersteuning krijgen die zij verdienen. Dat is enorm inspirerend en geeft mij veel voldoening!


    Meerwaarde voor de schakelklas

    Het OZC ondersteunt en begeleidt leerlingen met problemen uit het samenwerkingsverband VO Zutphen. In de schakelklas worden leerlingen tijdelijk opgevangen en proberen we (onderwijs en jeugdzorg) om het gedrag van een leerling dusdanig te beïnvloeden dat terugkeer naar onderwijs gerealiseerd kan worden.

    Voor mijn opleiding moest ik verschillende onderzoeken uitvoeren die enorm waardevol bleken te zijn voor de schakelklas. Zo hebben we bijvoorbeeld door de uitkomst van één van die onderzoeken, de leeromgeving van de schakelklas aangepast, zodat de leeromgeving beter past bij de manier van handelen in de schakelklas. Op deze manier komen de leerlingen en leerkrachten beter tot hun recht. Het bleek namelijk dat zij geremd werden door de inrichting van klas.

    Op dit moment ben ik aan het afstuderen. Mijn afstudeeronderzoek richt zich op het sociaal-emotioneel leren (SEL) in de schakelklas. Samen met de schakelklasmedewerkers ontwikkelen we een ‘toolbox’ waarmee we het SEL van de schakelklasleerlingen systematisch willen begeleiden met als doel dat leerlingen zelf sturing gaan geven aan hun sociaal-emotionele leerproces. Dit om de motivatie en de betrokkenheid van de leerlingen te vergroten en ze meer mogelijkheden te bieden om nieuwe kennis, vaardigheden en attitudes op te doen. Het is heel aannemelijk dat hierdoor de kansen van de leerlingen, om succesvol hun onderwijscarrière te kunnen vervolgen, worden vergroot.

    Verder

    In juli 2021 hoop ik af te studeren, mits corona niet te veel roet in het eten gooit. Daarna wil ik, als teacher leader, een voortrekkersrol vervullen binnen SOTOG. Het is mijn streven om van betekenis te zijn voor onze mooie, bijzondere en kwetsbare leerlingen door bij te dragen aan onderwijsinnovatie en kwaliteitsverbetering.

  • Joyce Vorsteveld: ‘Als er voor een probleem geen directe oplossing is, dan maak ik er gewoon een …’

    Leidinggeven betekent voor Joyce Vorsteveld, IB’er VSO De Brug, meer dan alleen leidinggeven aan collega’s. ‘Het gaat er voor mij ook om dat je nadenkt over wat de leerlingen nodig hebben om tot leren te komen. Wat leerlingen nodig hebben verschilt niet alleen van leerling tot leerling, maar ook van school tot school. Dat betekent dat je als leidinggevende flexibel in je denken moet zijn.’ 

    Joyce: ‘Binnen het leiderschapstraject hebben we vanuit verschillende kanten naar leiderschap gekeken. Het bestuur is bijvoorbeeld langs geweest om vanuit de financiële hoek naar leidinggeven te kijken en Karina Meulenbroek heeft een workshop over personeelszaken. Zo zijn er allerlei mensen geweest. Samen met de theorie heeft dat mijn beeld versterkt over wat voor mij leidinggeven is.’

    Net na het traject besloot Joyce dat ze niet direct verder wilde in de leidinggevende hoek, ook omdat er een andere studie op de planning stond. Ondertussen zijn dingen verandert en staat ze op het punt om de volgende stap te zetten: ‘Ik zou bijvoorbeeld wel een adjunctschap op een kleine school ambiëren. Zo kan ik langzaam groeien in die leidinggevende rol, want er is immers nog iemand die boven me staat en me begeleidt en coacht. Dan zou ik proberen een cultuur te creëren waar open gecommuniceerd wordt. Verder vind ik het belangrijk om elke dag weer opnieuw het beste eruit te halen voor de leerlingen. Dat kan ik, denk ik, nog beter in een rol als adjunct/directeur dan als IB’er. Want als IB’er ben ik meer afhankelijk van mijn collega’s en mijn leidinggevende om dat doel te bereiken. In een leidinggevende rol kan ik bijvoorbeeld mijn collega’s stimuleren om out of box te denken als er een probleem is waar niet 1, 2, 3 een antwoord op is.’

    Joyce heeft een heel handige tip bij de aanpak van problemen. Haal de dingen uit zijn context en geef ze een beter begrijpbare context. ‘Dat heb ik zelfs gedaan voor de eindpresentatie van het leiderschapstraject.’

    Rond die tijd ontwikkelde ze samen met Marc Kuiper, een collega van De Brug, een variant op het doelgroepenmodel van Lecso. ‘Het doelgroepenmodel vind ik een grote meerwaarde hebben voor ons onderwijs en onze leerlingen, alleen voldeed het standaard doelgroepenmodel niet voor VSO De Brug. Ik zag een manier om het doelgroepenmodel van Lecso en de input van het leiderschapstraject met elkaar te combineren om zo onze leerlingen tot hun recht te laten komen.’

    Want het doelgroepenmodel van Lecso is mooi, maar heel strak ingedeeld. Joyce: ‘Onze leerlingen zijn niet strak in te delen. Samen met Marc heb ik gekeken hoe ze dan wel optimaal in het model een plek konden krijgen. Ook onderzochten we hoe onze uitstroomleerlingen weg konden zetten in het model. Want voor deze leerlingen moeten er allerlei gesprekken met externe organisaties plaatsvinden en dan is het handig als je iets kunt laten zien.’

    Voor de eindpresentatie van het leiderschapstraject nam Joyce bloemen en planten om de diversiteit van de leerlingen aan te tonen. ‘Ik was destijds net verhuisd en in mijn nieuwe tuin stonden planten die ik niet allemaal kende. Als je een nieuwe groep met leerlingen krijgt, dan ken je die ook niet. Hoe kijk je dan en wat zie je dan? Dan zie je aan de ene kant een coniferenhaag die je een beetje moet bijvoeden, maar zich verder prima redt. Aan de andere kant heb je een pioenroos die heel erg afhankelijk is van welk plekje je hem geeft in de tuin, hoe je hem giet, snoeit en hem verzorgt. En zo kwamen alle planten in mijn tuin voorbij die stonden voor een mogelijk type leerling. Door zo’n allegorie te gebruiken maak je het heel duidelijk voor anderen.’

    Dingen verhelderen en oplossingen zoeken voor dingen waar je tegen aanloopt, kenmerkt Joyce in alles. Ze heeft bijvoorbeeld zelf een boek geschreven voor autistische jongeren. Joyce: ‘Toen stond ik nog voor de klas en werkte ik met een groep autistische jongens die met zichzelf aan het worstelen waren en zichzelf nergens in herkenden. Ik zocht een boek om ze die herkenning te geven. Dat vond ik niet. Er zijn meer dan genoeg boeken over deze jongeren met autisme, maar er geen boeken zijn vóór die jongeren. Dus toen dacht ik, dan maak ik gewoon een boek. Dat heeft heel wat bloed, zweet en tranen gekost. Ook het vinden van een uitgever was helemaal nog niet zo gemakkelijk. Toch is het me gelukt, het boek heet ‘De wereld van Kees’. Een oud-collega vertelde me later dat een oud-leerling van mij het boek had voorgelezen tijden de voorleesdagen omdat hij het zo mooi vond. Dat ontroerde me enorm. Ik heb er in ieder geval één leerling mee geholpen .…’